zondag 8 mei 2011

Over heksen, knieën en koekkoeksklokken.

Lieve allemaal,

Internetcafé's, het is een uitstervend ras.
Alhoewel de wereld 'kleiner' is geworden dankzij het grote netwerk, moet je tegenwoordig als reiziger je eigen 'point de connection' met je meezeulen om de wereld thuis als dichtbij te ervaren. Omdat we heel bewust eigenlijk even echt ver weg wilden zijn hebben we geen wifi-wapen en zitten we nu in Cluny, midden Frankrijk, in een aardig hotelletje, achter een ouderwetse ordinateur met Frans toetsenbord, waardoor typen weer aanvoelt als typen.
En het gaat goed met ons, we zijn bruin, sterk, en blond aan het worden. De zon werkt dan ook goed mee. Al werden we afgelopen week ook een keer wakker met ijs aan de binnenkant van de tent, het smaakte gelukkig naar aardbeitjes. We fietsen met de boekjes van Benjaminse over stille plattelandsweggetjes, over de jaagpaden langs het lege kanaal van de Soane, we zien veel: 'kijk Joor, een 'roof'!, en koeien, maar dan wit. En heel gek; maar overal in Frankrijk hebben ze koekkoeksklokken in de bomen verstopt, meestal meer dan één, zodat je nooit echt goed kan horen hoe laat het is.

We hebben al één leuk verhaal, en dat is het verhaal van de dag dat we drie campings aandeden, die allemaal nog gesloten waren. We fietsen vroeg in de avond weer eens langs een lang kanaal in midden Frankrijk, waar nog minder mensen wonen per m2 dan in noord-Zweden, en zagen daar een schattig huis met oude man. Joris trok zijn stoute schoenen aan en vroeg of de man een plekje voor onze tent wist. Met een ruim gebaar wees de man naar zijn tuin. Nou dat aanbod namen ze gretig aan. Nog voordat de tent stond, stond er een fles wijn op tafel. We hebben het franse eet-ritme nog niet overgenomen en moesten ook nog koken. Pas de probleme! Bij het binnengaan van het huisje stapte je ook direct in de wondere wereld van een Frans boerderijtje anno 1880. Houten balken, groene kozijnen, kacheltje, schapenvelletje, grote stapels kranten, honderde potjes en pannen, spinnewebben waar je maar kon kijken en natuurlijk wijn, brood en kaas. Maar er was werk aan de winkel, dus hup, Joor achter het fornuis, Joëlle achter de afwas, waarbij meteen de gootsteen wijn eerste poetsbeurt in 30 jaar kreeg. Samen met onze professeur hebben we toen heerlijk gegeten en gepraat over het leven in Frankrijk en Mali, tja, of we daar naar toe zouden moeten gaan, hij was er heel duidelijk over, ga maar naae Tunesië, dat is veel veiliger!

We hebben ook een heks gezien, moet je voorstellen; je wordt, na een barre fietstocht, bij aankomst op een camping vriendelijk ontvangen met een gratis koud blikje bier. Maar voordat je in de gaten hebt wat er gebeurd, zit je in de val.. drie uur lang zit je met drie fotoboeken op je schoot vol met ansichtkaarten en bedankbriefjes verstuurd door behekste campinggasten, en met een compres op je knie, terwijl je voelt dat koelen écht geen goed idee is..

Tja, de linkerknie van Joëlle, die heeft een klein smetje. En het ging zo voortvarend de eerste drie dagen, totdat er iets vreselijk pijn ging doen in het complexe gewricht. De dokter wist het meteen te vertellen; de miniscus. Het devies; rust en heel veel ibuprofen. Telefonisch consult met fysio Ruud gaf welliswaar een andere uitslag; 'knieën zijn zo ingewikkeld, daar kun je alleen met een goede test iets over zeggen', maar het advies was nagenoeg hetzelfde: 'fiets alleen berg af, met wind mee en slik heel veel ibuprofen'. En nu gaan we dus niet zo ver iedere dag, alleen berg af dus.. al beginnen we morgen aan de beklimming van het massief central.
Wens ons succes!

Veel liefs, Joris en Joëlle